Column: Transparantie

In de jaren zestig van de vorige eeuw ging de politiek uit van de maakbaarheid van de samenleving. In principe kon de maatschappij gestuurd worden, maar dan moest er wel aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Eén daarvan was dat iedereen kon beschikken over dezelfde informatie. En ze hadden gelijk; een eerlijke belangenbehartiging vereist een transparante overheid.

Pieter Omtzigt woonachtig Enschede is lid van de Tweede kamer, voor zover ik weet het enige Twentse kamerlid en hij is fanatiek. Samen met het SP-kamerlid Renske Leijten heeft hij het overheids-handelen in de Toeslagenaffaire aan de orde gesteld. Uit deze affaire blijkt dat de transparante overheid niet opener is geworden in de loop der jaren, in tegendeel. De controle op diezelfde overheid door onder meer pers en parlement wordt tegengewerkt. Volksvertegenwoordigers moeten een beroep doen op de WOB om informatie te krijgen, niet alleen in Den Haag trouwens, ook in Enschede. Alles wordt dicht getimmerd, waarbij geen onderscheid tussen journalist of kamerlid wordt gemaakt; het antwoord op elke vraag naar gevoelige informatie is “nee”.

Na veel gedoe en het dreigen met rechtszaken komt de gevraagde informatie boven water. Dikwijls verminkt door zwart gemaakte teksten. Dit is een kwalijke zaak. Het is het bewust tegenwerken van de democratie door zelfs de hoogste baas van ons landje.

We zitten in verkiezingstijd. Eén van de belangrijkste onderwerpen nu zou de relatie burger – overheid moeten zijn en op welke wijze informatie beschikbaar wordt gesteld. Ik hoor er nagenoeg niets over. Wat resteert is het besef dat als de houding van de overheid niet verandert, de relatie met de burger alleen maar slechter wordt. Een minister-president die daaraan meedoet is een slecht voorbeeld. Pieter Omtzigt heeft het in een interview van 23/2/21 in de Tubantia over het gebrek aan tegenmacht en schetst een almachtige overheid, die kan doen en laten wat zij wil. Een terechte angst, want niet alleen vist het kamerlid dan achter het net, ook de burger wordt dan overgeleverd aan pure willekeur. En dan blijft er weinig over van de idealen uit de jaren zestig, waarbij het alleen maar beter zou worden. Alles is openbaar, tenzij…

Jan Visser

Meer berichten