Column: Honds

Column: Honds

Wat kun je met een hond hebben? Mensen met honden schijnen langer te leven. Ze verdrijven de leegte van het leven met verantwoordelijkheid voor een huisdier. Een kat is daar te zelfstandig voor. Hij gaat zijn eigen gang. Met een hond krijg je een band. Met een kat niet. Tenminste ik niet.

Ik slaagde voor het atheneum en mijn ouders verrasten mij met een puppie, een Duitse herder. We haalden hem op uit Augustinusga (Friesland) van familie, van familie, van familie; boer Nicolai. De boer had nog één puppy, Carlos. De naam had ik al uitgezocht. De vader en moeder van Carlos zaten achter een hek aan een lange ketting en geen mens kwam er langs. Carlos was echter de liefste Duitse herder, die je je maar kunt voorstellen. Met Carlos herinner ik mij lange wandelingen over kleipaden in Noord-Groningen, over oude zeedijken, langs joekels van boerderijen met lege schuren, soms met gigantische bulten suikerbieten of aardappelen erin.

Carlos werd opgevolgd door Ana, gekozen omdat de Golden Retriever een echte familiehond is. Als u in Enschede woont en graag fietst in het buitengebied, moet u haar gezien hebben. Zij lag altijd midden op de Twistveenweg bij de Duitse grens. Nooit aangereden. Sacherijnig als ze op moest staan voor bijvoorbeeld een vrachtauto. Een gewone auto kon er wel langs. Daarna werden we verliefd op Benner Sennen. We hebben er twee gehad; Senna en Luna. Senna was een hele lieve hond, haar opvolger Luna was een beetje een wildebras, maar de meest erfvaste hond die we ooit gehad hebben. Geen centje kwaad, maar hij was nogal groot. Hij liep in zijn enthousiasme nog wel eens een kind omver. Of een oudje, mijn schoonmoeder (95!) was doodsbenauwd voor hem nadat hij een keer op haar schoot ging zitten.

Luna was vier jaar toen de dierenarts kanker met uitzaaiingen bij hem constateerde. Het ene moment heb je een levende hond achterin de auto, het volgende moment rij je door Enschede met een dooie hond, op weg naar huis, waar ze nog van niets wisten. Het was me al een keer eerder overkomen met Ana in Uithuizen. Ik informeerde ook de fokker. Als dit vaker gebeurde met zijn honden dan moest hij zijn manier van fokken aanpassen. In plaats van dankbaar te zijn werd hij boos. Waar ik mij mee bemoeide?

Luna zie ik soms nog. Dan zie ik hem in de hondenmand, maar is het toch de deken waar hij altijd op lag. Of ik doe een deur open en hij glipt naar buiten of naar binnen. Afgelopen maandag stond ik te koken en lag hij achter mij. Dat doet hij wel vaker. Dan moet ik oppassen dat ik niet over hem struikel. Toen stond hij op en likte mijn hand. Sindsdien heb ik hem niet meer gezien. Stomme hond. Een hond hoort geen kanker te krijgen.

Jan Visser

Meer berichten